Laserapparatuur om wilde (water)vogels te weren bij pluimveebedrijven

Wageningen Bioveterinary Research (WBVR in Lelystad) is gestart met het testen of de toepassing van laserapparatuur bezoeken van wilde (water)vogels aan de uitloop van een pluimveebedrijf sterk en langdurig kan beperken. Dat kan de kans verkleinen dat kippen besmet raken met vogelgriep. Het onderzoek is eind november 2019 begonnen met het meten van bezoek van wilde (water)vogels aan de uitloop zonder gebruik van de laser (nulmeting).

Projectleider is WBVR-epidemioloog Armin Elbers, en het project wordt uitgevoerd met hulp van studenten van de opleiding Dier- en veehouderij van de Hogeschool InHolland in Delft en de opleiding Toegepaste Biologie van de Aeres Hogeschool in Almere.

Effect van lasers op wilde vogels meten

Op een uitloopbedrijf dat in het verleden vaker besmet raakte met vogelgriep is laserapparatuur geïnstalleerd. Tevens is een video-monitoringsysteem met harde schijf opslag geïnstalleerd in de uitloop. Dit maakt het mogelijk om bezoek van wilde vogels aan de uitloop vast te leggen en te analyseren in combinatie met een laser die wel of niet in werking is.

Door periodes van enkele weken afwisselend wel en niet de laser in werking te stellen, wordt het effect van de laser op het aantal bezoeken en/of aantal bezoekende wilde (water)vogels per tijdsperiode geschat. Tevens kan daarbij worden getoetst of er sprake is van gewenning door wilde vogels aan de laser. Omdat het nooit 100 procent zeker is of en wanneer er wilde (water)vogels in de uitloop zullen komen, wordt het experiment herhaald in de winter van 2020-2021. In de winterperiode 2019-2020 wordt afwisselend bezoek van wilde (water)vogels gemeten: Maand 1 en 3 zonder laser, maand 2 en 4 met laser.

laser in uitloop voor weren wilde vogels

Eerste resultaten laser hoopgevend

De eerste analyse van de videobeelden van bezoek van wilde vogels aan de uitloop laten hoopgevende resultaten zien. Zonder gebruik van de laser wordt er vrijwel elke nacht bezoek van wilde eenden gezien; daarnaast bezoeken in de morgenuren verschillende zangvogels – zoals de merel, kauw en witte en gele kwikstaart - de uitloop. Met gebruik van de laser wordt er s’ nachts geen enkele eend meer in de uitloop gesignaleerd, en zijn er s’ morgens ook vrijwel geen zangvogels meer te zien.                                                                                  

Volgens plan zullen eind 2020 alle videobeelden van de periode December 2019 – Maart 2020 zijn geanalyseerd en zal statistisch getoetst zijn of er een sterke reductie in het bezoek van wilde (water)vogels kan worden toegeschreven aan het gebruik van de laser.                                                                                     

Eind van dit jaar zal een volgende onderzoeksperiode van vier maanden worden gestart, die gericht zal zijn op het onderzoeken of langdurig gebruik van de laser mogelijk tot gewenning zou kunnen leiden waardoor de laser minder effectief zou kunnen zijn.

Achtergrond onderzoek

Aansluiting op eerder onderzoek

In de (vak)literatuur zijn methoden beschreven om wilde (water)vogels te weren en/of te verjagen met getrainde honden en laser apparatuur, echter is wetenschappelijke onderbouwing tot nu toe karig. Dit interventieonderzoek is een logisch vervolg op – en sluit naadloos aan op - resultaten van recent onderzoek.

Wilde eenden bezoeken ’s nachts uitloop

Uit recent onderzoek van WBVR op basis van videobeelden van een Nederlands uitlooplegbedrijf bleek dat wilde eenden de uitloop vrijwel uitsluitend bezoeken tijdens de nacht, en met name van november tot februari. Zeer waarschijnlijk raakt pluimvee besmet via contact met door uitwerpselen van wilde watervogels besmet water of besmette grond in de uitloop(1).  

eenden in uitloop avond en nacht

Wilde watervogels vormen risico vogelgriep

Door voorgaande onderzoeken lijkt het logisch dat regelmatige aanwezigheid van wilde watervogels (met name eenden) in de uitloop de kans op blootstelling van kippen aan laag-pathogene aviaire influenza (LPAI) virus verhoogt. Wilde watervogels vormen namelijk het natuurlijk reservoir van aviaire influenza virussen.

In Nederland hebben met name leghenbedrijven met uitloop, kalkoenbedrijven en eendenbedrijven een duidelijk grotere kans om geïnfecteerd te raken met LPAI-virussen in vergelijking met “traditionele” leghenbedrijven zonder uitloop. Dit blijkt uit onderzoek van WBVR(2,3).

Bronvermelding

1. Elbers A.R.W., Gonzales, J.L. Quantification of visits of wild fauna to a commercial layer farm in the Netherlands located in an avian influenza hot-spot area assessed by video-camera monitoring. Transbound. Emerg. Dis. 2019 (in press).

2. Gonzales, J.L., Stegeman, J.A., de Wit, J.J., Koch, G., Elbers, A.R.W. Differences in risk of introduction of a LPAIv infection between poultry production sectors and outdoor/indoor farming systems in the Netherlands. Influenza and other respiratory diseases  2013; 7: 6-10.

3. Bouwstra, R., Gonzales, J., de Wit, J., Stahl, J., Fouchier, R., Elbers, A. Spatial-environmental risk analysis of introduction of low pathogenic avian influenza virus infections on poultry farms in the Netherlands, 2007-2013. Emerg. Infect. Dis. 2017; 23 (9): 1510-1516.